Tijdens de gemeenteraad van maandagavond confronteerde Vlaams Belang-raadslid Sander Roelandt het schepencollege met een ernstige wettelijke lacune in het bestuur van het OCMW. Uit zijn onderzoek blijkt dat tientallen hulpverleningskaders de voorbije jaren werden goedgekeurd achter gesloten deuren, in strijd met het decreet Lokaal Bestuur (DLB). “Dit moet zo snel mogelijk rechtgezet worden. Sociaal beleid hoort in de raad voor maatschappelijk welzijn, het enige democratisch verkozen orgaan dat bevoegd is om zulke regels vast te leggen,” stelde Roelandt.
In een uitgebreide interpellatie stelde Roelandt de wettelijkheid van de zogenaamde hulpverlenings- of transparantiekaders in vraag. Deze kaders zijn algemene regels die bepalen wie welke steun krijgt van het OCMW en onder welke voorwaarden. "Het bijzonder comité voor de sociale dienst (BCSD) heeft jarenlang die algemene beleidskaders vastgelegd terwijl dat eigenlijk de bevoegdheid is van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn," aldus Roelandt.
Roelandt benadrukte daarbij het essentiële onderscheid tussen beide organen. Het BCSD behandelt individuele dossiers in besloten zitting. De raad voor maatschappelijk welzijn is daarentegen het enige democratisch verkozen orgaan is dat beleid, reglementen en algemene normen mag vastleggen. Sander Roelandt: "Zodra je algemene criteria bepaalt – zoals automatische toekenningen of inkomensgrenzen – spreek je over beleid. En beleid hoort hier thuis, in deze raad."
Artikel 77. ( 08/04/2023 - ... ) De raad voor maatschappelijk welzijn beschikt over de volheid van bevoegdheid voor de aangelegenheden die aan het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn door of krachtens de wet of het decreet zijn toevertrouwd.
De raad voor maatschappelijk welzijn bepaalt het beleid van het openbaar centrum voor
maatschappelijk welzijn en kan daarvoor algemene regels vaststellen. |
Artikel 113. ( 01/01/2019 - ... )
Het bijzonder comité voor de sociale dienst is bevoegd voor: 2° de bekrachtiging van de beslissingen van de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst, vermeld in artikel 114. Het bijzonder comité voor de sociale dienst kan in zijn huishoudelijk reglement bepalen dat het beslissingsbevoegdheid als vermeld in het eerste lid toevertrouwt aan een of meerdere subcomités. In voorkomend geval is de voorzitter van een subcomité een lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat ook lid is van de raad voor maatschappelijk welzijn. Het bijzonder comité voor de sociale dienst kan op eigen initiatief of op verzoek een niet-bindend advies geven aan het college, het vast bureau, de gemeenteraad en de OCMW-raad over het gemeente- of OCMW-beleid. |

Sander Roelandt: "Zodra je algemene criteria bepaalt – zoals automatische toekenningen of inkomensgrenzen – spreek je over beleid. En beleid hoort thuis in de OCMW-raad, niet in het BCSD."
Tientallen beslissingen in strijd met de wet
Volgens Vlaams Belang werden in Lier de voorbije jaren tientallen algemene hulpverleningskaders goedgekeurd binnen het BCSD, zonder formele goedkeuring door de OCMW-raad. Het gaat onder meer over het overnemen van mutualiteitsbijdragen, zorgpremies en vaste afspraken rond schuldhulp en andere financiële steun. Dat is volgens Roelandt strijdig met het DLB, dat expliciet bepaalt dat beleidsbeslissingen niet in het BCSD mogen worden genomen.
"Het DLB is glashelder," aldus Roelandt. "Het BCSD mag uitsluitend beslissen over individuele dossiers in besloten zitting. Zodra je algemene criteria en automatische toekenningen vastlegt, gaat het om beleid. En beleid hoort thuis in de democratisch verkozen Raad voor Maatschappelijk Welzijn, niet achter gesloten deuren."
Schepen verdedigt huidige praktijk
Schepen Annemie Goris (N-VA) verdedigde de huidige praktijk door te verwijzen naar het "vertrouwen in de competenties" van de BCSD-leden en de praktische werkbaarheid van de besluitvorming. Roelandt wees deze redenering resoluut van de hand: "Dit gaat niet over wat praktisch is, maar over de wet. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) stelt expliciet dat het BCSD zelf geen hulpverleningskaders kan vaststellen. Steden als Antwerpen, Leuven en Waregem doen dit wél correct via hun Raad voor Maatschappelijk Welzijn."

De VVSG, de Vereninging van Vlaamse steden en gemeenten is duidelijk op haar website.
Democratische controle essentieel
De decreetgever heeft bewust gekozen voor deze bevoegdheidsverdeling om te vermijden dat beleidsbeslissingen buiten democratische controle om worden genomen. "Wij zijn het politieke en democratische orgaan dat gaat over het OCMW-beleid," benadrukte Roelandt. "De stemmingen die nu in het BCSD gebeuren over algemene beleidsregels zijn niet geldig omdat het BCSD simpelweg niet het bevoegde orgaan is voor deze materie."
Toezegging van schepen
Na een stevige discussie waarin ook raadslid Tom Claes (Missie 2500) opriep om na te gaan of de praktijk in Lier wel wettelijk is, zegde schepen Goris toe de wettelijke bevoegdheidsverdeling na te zullen kijken. Vlaams Belang vraagt dat alle bestaande hulpverleningskaders zo snel mogelijk formeel worden voorgelegd aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn voor bespreking, amendering en goedkeuring. "Dit raakt de kern van behoorlijk bestuur. Wij zullen er nauwlettend op toezien dat dit snel wordt rechtgezet. Beleidskeuzes horen in de openbaarheid, niet achter gesloten deuren," aldus Roelandt.