De Japanse duizendknoop duikt opnieuw op in Lier, onder meer langs de Nete. Vlaams Belang waarschuwt dat deze hardnekkige invasieve plant niet met losse ingrepen verdwijnt. Er is nood aan consequente opvolging, duidelijke communicatie met inwoners en een aanpak waarbij ook andere bevoegde instanties hun verantwoordelijkheid nemen.
Hardnekkig probleem
De plant staat bekend om haar snelle verspreiding en kan ecologische schade veroorzaken, infrastructuur aantasten en het uitzicht van onze stad schaden. Tijdens de gemeenteraad vroeg Sander Roelandt daarom welke concrete aanpak de stad vandaag hanteert, hoe het probleem evolueert en hoe private eigenaars worden betrokken. “Wie deze plant laat woekeren, schuift het probleem gewoon door naar morgen,” zegt Roelandt. “De Japanse duizendknoop vraagt geen eenmalige opruimactie, maar een volgehouden beleid.”
Antwoord van de stad
Schepen Niels De Bakker (N-VA) bevestigde dat de Japanse duizendknoop voorkomt op zowel openbaar als privaat domein. De stad volgt volgens hem de richtlijnen van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, evalueert jaarlijks de aanpak en verwijdert op het openbaar domein niet alleen de takken, maar ook de wortels. Recent gebeurde dat onder meer aan de Sluislaan en aan de Arthur Vanderpoortenlaan, nabij de nieuwbouwlocatie Berlamuse.
Ook private eigenaars
Voor private gronden bestaat er volgens de schepen geen specifiek wettelijk kader. De stad geeft advies aan inwoners en verwijst waar nodig door naar gespecialiseerde firma’s. Langs de Nete en de jaagpaden is De Vlaamse Waterweg verantwoordelijk, die vooral inzet op nulbeheer en op bepaalde plaatsen maait met onmiddellijke opzuiging om verdere verspreiding te beperken.
Voorkomen is beter dan genezen
Vlaams Belang vindt dat de stad dit dossier nauwgezet moet blijven opvolgen. “De Japanse duizendknoop is geen detail in het groenbeheer,” besluit Sander Roelandt. “Wie Lier proper, groen en leefbaar wil houden, moet zulke problemen kordaat aanpakken voor ze uitgroeien tot een woekerend symbool van bestuurlijke achteloosheid.”

Sander Roelandt: Wie Lier proper, groen en leefbaar wil houden, moet zulke problemen kordaat aanpakken voor ze uitgroeien tot een woekerend symbool van bestuurlijke achteloosheid.”