Dat het stadsbestuur de barbecues in het stadspark wegneemt, is een juiste beslissing. Maar laten we eerlijk zijn over de ware toedracht. Het gaat over veel meer dan een paar extra vuilnisbakken die niet werden gebruikt of rondslingerend afval. Het is het trieste resultaat van een aanslepend probleem van een gebrek aan waarden en normen, structurele overlast én een reglement dat stelselmatig aan de laars werd gelapt, waardoor de leefbaarheid van ons park ernstig onder druk kwam te staan. Fractievoorzitter Ellen Lissens trok hierover al tijdens de vorige legislatuur (2018-2024) publiekelijk aan de alarmbel. In mei 2025 wees ze het stadsbestuur van N-VA en Lokaal Liberaal nogmaals op de realiteit: het gemeenteraadsreglement werd niet nageleefd. Mensen gebruikten hun eigen barbecues op verboden plekken, zelfs vlak naast de vijver of gevaarlijk dicht onder de bomen. Hoewel het stadsbestuur toegaf op de hoogte te zijn van de klachten over wildplassen, privébarbecues, geluidsoverlast en afval, bleef een krachtige reactie uit. Men verschool zich achter de bewering dat het slechts om momentopnames ging, terwijl de Lierenaars wekelijks de gevolgen zag.
De vinger op de wonde
De cijfers uit 2025 spreken dan ook boekdelen en leggen de vinger op de zere wonde. Er waren dat jaar acht officiële meldingen van foutief barbecuegebruik, waarbij de politie in zeven gevallen ter plaatse kwam en zes keer daadwerkelijk inbreuken vaststelde. Daarnaast waren er vijf meldingen van sluikstort. Conclusie? Er werd geen enkel proces-verbaal opgesteld. De reden was even simpel als ontluisterend: het politiereglement bevatte simpelweg geen strafbepalingen om formeel te kunnen verbaliseren. Het bestuur wist dat de regels werden overtreden en dat de politie herhaaldelijk moest uitrukken, maar ze hadden zichzelf buitenspel gezet met een reglement zonder tanden. "Wie pas na maanden beseft dat regels zonder sancties zinloos zijn, loopt hopeloos achter de feiten aan," stelt Ellen Lissens resoluut.

Meer dan afval alleen
Voor Vlaams Belang Lier-Koningshooikt is dit nooit louter een kwestie van netheid geweest. Afval en sluikstort waren zichtbare symptomen, maar niet de essentie. Het echte probleem is dat een publieke plek te lang werd overgelaten aan mensen die de reglementering niet respecteren, niet begrijpen of niet willen begrijpen. Dat vertaalt zich niet alleen in vuil en foutief gebruik, maar ook in hinderlijk gedrag, te luide ‘exotische’ muziek en een sfeer waarin sommige wandelaars en parkgebruikers zich minder op hun gemak voelen. Ellen Lissens: “Je moet niet wachten tot elk incident escaleert om te beseffen dat een situatie onhoudbaar wordt. Zodra een park niet langer vanzelfsprekend rust, netheid en veiligheid uitstraalt, moet je ingrijpen. Niet aarzelend, maar kordaat.”
Vlaams Belang wil nultolerantie voor overlast
Wij tolereren niet dat onze parken, die rust en veiligheid moeten uitstralen, worden ingepalmd door mensen die geen respect tonen voor de omgeving of hun medeburgers. Onze visie is duidelijk: nultolerantie voor overlast en onmiddellijk ingrijpen wanneer rondhanggedrag ontspoort. Preventie is mooi, maar repressie moet het noodzakelijke sluitstuk zijn. “De openbare ruimte is van iedereen,” zegt Lissens. “Wie die ruimte gebruikt met respect voor de regels, is welkom. Maar wie ze inpalmt met hinderlijk gedrag, vuil achterlaat of anderen het gevoel geeft dat ze beter wegblijven, moet meteen worden teruggefloten. Dat is geen hardvochtigheid, dat is elementair behoorlijk bestuur.”

Niet alleen in het stadspark
Deze beslissing mag geen eindpunt zijn, maar een begin. Nu het stadsbestuur eindelijk erkent dat halfzachte maatregelen niet werken, verwachten wij dat deze lijn wordt doorgetrokken naar andere overlastplekken in onze stad. De omgeving van het Rijksadministratief Centrum, Sporthal De Komeet, de bushaltes op de Grote Markt, de ‘brede’ Antwerpsestraat en de Veemarkt verdienen exact dezelfde kordate aanpak. Ellen Lissens besluit scherp: “Lierenaars en Hooiktenaars hebben recht op een stad waar regels niet vrijblijvend zijn, waar overlast meteen wordt aangepakt en waar veiligheid en leefbaarheid opnieuw primeren.”